skip to Main Content

Hoe werkt een infraroodcamera bij het opsporen van schimmel?

Marc Mooijekind ·

Een infraroodcamera detecteert schimmel in huis door temperatuurverschillen op muren, vloeren en plafonds zichtbaar te maken. Waar vocht aanwezig is, koelt een oppervlak sneller af dan de omgeving, en dat temperatuurverschil is op een thermografisch beeld direct zichtbaar, ook als er nog geen zichtbare schimmel of verkleuring te zien is.

Dit maakt thermografisch onderzoek nuttig in een vroeg stadium: je spoort verborgen vochtproblemen op voordat schimmelvorming zich verder ontwikkelt en grotere schade veroorzaakt. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over hoe een infraroodcamera werkt bij schimmeldetectie, wat de beperkingen zijn en wanneer je dit type onderzoek inzet.

Wat meet een infraroodcamera precies in een gebouw?

Een infraroodcamera meet de warmtestraling die een oppervlak uitzendt en zet dat om naar een kleurbeeld. Warme zones verschijnen in rood of oranje, koude zones in blauw of paars. De camera meet dus geen vocht direct, maar de temperatuurverdeling over een oppervlak, en die verdeling vertelt veel over wat er achter de wand of onder de vloer speelt.

Elk materiaal heeft een eigen manier waarop het warmte opneemt en afgeeft. Droog metselwerk, hout en beton gedragen zich thermisch anders dan natte of vochtige materialen. Een vochtige plek in een muur absorbeert overdag meer warmte en geeft die ’s avonds langzamer af dan de droge omgeving. Dat verschil legt de infraroodcamera vast als een zichtbare afwijking in het thermografische beeld.

Belangrijk om te begrijpen: de camera registreert een momentopname van oppervlaktetemperaturen. Ze kijkt niet door muren heen. Ze maakt het temperatuurpatroon aan de binnenkant van een oppervlak zichtbaar en geeft daarmee aanwijzingen over wat er structureel achter dat oppervlak kan spelen.

Hoe wijst een temperatuurverschil op schimmel of vocht?

Een temperatuurverschil op een muuroppervlak wijst op vocht omdat water een hogere warmtecapaciteit heeft dan droge bouwmaterialen. Een vochtige plek koelt daardoor anders af dan de omgeving. Dit verschil, ook wel een thermische anomalie genoemd, verschijnt op het infraroodbeeld als een afwijkende zone en geeft de inspecteur een concrete aanwijzing waar nader onderzoek nodig is.

Schimmel groeit waar vocht langdurig aanwezig is. Een infraroodcamera spoort die vochtbron op, niet de schimmel zelf. Toch is dat onderscheid in de praktijk minder groot dan het lijkt: als je de vochtbron vindt, vind je ook de omstandigheden waaronder schimmel zich heeft kunnen ontwikkelen of zich nog zal ontwikkelen. Dat maakt thermografisch onderzoek nuttig als eerste stap bij een schimmelonderzoek.

De meest voorkomende oorzaken die zichtbaar worden via temperatuurverschillen zijn:

  • Koudebruggen – plekken waar de isolatie onderbroken is en de wand plaatselijk kouder is dan de omgeving
  • Lekkages – water dat via dak, gevel of leidingen in de constructie trekt
  • Condensatie – vocht dat neerslaat op koude oppervlakken door onvoldoende ventilatie
  • Opstijgend vocht – grondvocht dat via de fundering omhoog trekt in muren

Wat zijn de beperkingen van thermografisch schimmelonderzoek?

Thermografisch schimmelonderzoek heeft duidelijke beperkingen: een infraroodcamera detecteert geen schimmel direct, werkt alleen goed onder de juiste omstandigheden en kan geen uitsluitsel geven over de aard of ernst van een vochtprobleem zonder aanvullend onderzoek. Het is een sterk diagnostisch hulpmiddel, maar geen op zichzelf staande methode.

De kwaliteit van de thermografische meting hangt sterk af van de omstandigheden tijdens het onderzoek. Er moet een voldoende temperatuurverschil zijn tussen binnen en buiten, minimaal 10 graden Celsius is een gangbare richtlijn. Bij gematigd weer of in de zomer is het verschil vaak te klein om betrouwbare beelden te maken. Daarnaast mag de zon niet direct op de te onderzoeken gevels schijnen, omdat dat het beeld verstoort.

Andere beperkingen om rekening mee te houden:

  • De camera kijkt alleen naar oppervlaktetemperaturen – diepe vochtproblemen in dikke constructies blijven soms onzichtbaar
  • Een thermische anomalie heeft meerdere mogelijke oorzaken – alleen een ervaren inspecteur kan die correct interpreteren
  • Voor bevestiging van schimmelvorming zijn aanvullende metingen nodig, zoals vochtmeting of luchtmonsters
  • Meubels, gordijnen en andere objecten voor de wand kunnen het beeld blokkeren

Een thermografisch beeld is dus altijd een startpunt, geen eindconclusie. Gecombineerd met vochtonderzoek en andere meetmethoden geeft het een compleet beeld van wat er speelt.

Wanneer is een infraroodcamera de juiste keuze voor schimmeldetectie?

Een infraroodcamera is de juiste keuze wanneer je vermoedt dat vocht of schimmel verborgen zit achter afwerklagen, in vloerconstructies of in spouwmuren, zonder dat je direct wilt slopen of boren. Thermografisch onderzoek is ook nuttig bij grote oppervlakken, zoals in woningcorporatiewoningen of utiliteitsbouw, waar je snel en niet-destructief een eerste diagnose wilt stellen.

Concrete situaties waarbij een infraroodcamera meerwaarde heeft:

  • Bewoners of gebruikers klagen over luchtwegklachten of muffe lucht, maar er is geen zichtbare schimmel
  • Er zijn eerder lekkages geweest en je wilt controleren of het vocht volledig is verdwenen
  • Voor of na renovatiewerkzaamheden wil je de thermische kwaliteit van de constructie in kaart brengen
  • Bij aankoop of verkoop van een pand wil je verborgen vochtproblemen uitsluiten
  • Een gebouw vertoont zichtbare schimmel en je zoekt de onderliggende vochtbron

De methode is minder geschikt als het enige doel is om schimmelsporen in de lucht te meten, daarvoor zijn luchtmonsters of contactmonsters een betere keuze. Thermografie richt zich op de bron, niet op de verspreiding van sporen.

Wie mag een thermografisch onderzoek naar schimmel uitvoeren?

Thermografisch onderzoek naar schimmel mag in principe iedereen uitvoeren, maar een betrouwbare en juridisch bruikbare rapportage vereist een gecertificeerde en ervaren inspecteur. De interpretatie van thermografische beelden vraagt vakkennis: een afwijkende kleurzone op een beeld heeft meerdere mogelijke verklaringen en een onervaren gebruiker trekt snel verkeerde conclusies.

Voor professionele toepassingen, zoals bij woningcorporaties, vastgoedtransacties of zorggebouwen, is het belangrijk dat de inspecteur beschikt over relevante certificering en aantoonbare ervaring met thermografisch bouwtechnisch onderzoek. Denk aan een thermograaf met Level I- of Level II-certificering volgens internationale normen zoals ISO 18436-7. Daarnaast moet de inspecteur kennis hebben van bouwfysica om de meetresultaten correct te duiden.

Een professionele inspecteur combineert de thermografische meting altijd met aanvullende meetmethoden en legt de bevindingen vast in een rapport dat als basis dient voor vervolgacties, of dat nu verdere inspectie is, sanering of bouwkundige aanpassingen.

Hoe wij helpen bij het opsporen en aanpakken van schimmel

Onze gecertificeerde inspecteurs van Van Santen Inspectie voeren ter plaatse gedetailleerd onderzoek uit met professionele infraroodcamera’s en vochtmeetapparatuur. We brengen verborgen vochtbronnen en schimmelvorming in kaart, achterhalen altijd de grondoorzaak, of dat nu condensatie, een lekkage, opstijgend vocht of gebrekkige ventilatie is, en rapporteren onze bevindingen helder en bruikbaar.

Wat we voor je doen:

  • Thermografisch onderzoek met professionele infraroodapparatuur
  • Vochtmetingen en aanvullende diagnostiek om de bevindingen te bevestigen
  • Lekdetectie, debietmetingen en droogtechniek waar nodig
  • Een duidelijk rapport met de oorzaak, de omvang en het advies voor de volgende stap

Heb je een vermoeden van schimmel in huis of in een pand dat je beheert? Neem contact met ons op voor een vrijblijvend gesprek over wat thermografisch onderzoek voor jouw situatie kan betekenen. Consider it done.

Gerelateerde artikelen

Back To Top